Voor een Pdf-printvriendelijke versie van deze recensie Klik hier
Sluit venster

Boek en druk


Recensietekst


Bron



Veka

Het zonderlinge kerstgeschenk, druk 2, 40 blz.
Geïll. Gekl. Omslag. 1 gekl. plaatje en 4 penteekeningen tusschen den tekst. Prijs 20 cent. Een rijke boerendochter, verloofd met een uitnemenden vromen jonkman, Martin, wordt dezen ontrouw en treedt tegen alle vermaningen van Vader in 't huwelijk met een losbol, een "heer", die later door zijn goddeloos leven tot armoede vervalt met zijn vrouw en eenig kind. Haar vader heeft haar daarom nadrukkelijk den toegang tot zijn huis verboden. De muziekleeraar sterft en Catharina geraakt met haar kind in de diepste ellende. Haar Vader wil zijn woord niet herroepen. De ernstige adventsprediking doet wel strijd in zijn hart opkomen, doch hij verzet er zich tegen. Eerst geeft hij op Martin's verzoek in zooverre toe, dat hij zijn kleinkind zal verzorgen, meer echter niet. Doch Martin gaat verder. De boer begeeft zich op Kerstavond naar de kerk en als hij thuis komt, vindt hij zijn dochter en haar kind, door Martin daar gebracht. De boer geeft zich gewonnen. Tegen dit boekje hebben wij ernstige bezwaren. Vooreerst, dat men op deze wijze ieder verhaal wel tot een Kerstvertelling kan maken, ook al is er van het groote feit in Bethlehem geschied, geen sprake. "Uit het Duitsch", dat komt overal voor den dag! Wat weten onze kinderen van adventslied, etc.? Ook al wordt verklaard wat advent is (in een noot) zoo zullen de kinderen toch nog niet weten, dat volgens het pericopenstelsel elke Zondag een vast teksthoofdstuk heeft. Dat wordt hier ondersteld. (bl. 3 en 15). Het vreemdste is, dat de vertaalster(?) op bl. 32 in eens uit haar rol valt. Daar vergeet zij den Duitschen opzet van het verhaal, stelt het voor, als of de boer zijn jeugd in Duitschland heeft doorgebracht en als of hij daarom een Kerstboom heeft. Die Kerstboom had minder verklaring noodig dan de advent. Het op bl. 7 voorkomend spreekwoord: "Zooals men zijn bed opmaakt, moet men liggen", vinden we allerminst schoon. 't Is ook logisch niet juist. Of onze kinderen, die niet aan kerkhoven om de kerken gewend zijn, bl. 5 zullen begrijpen? Het verhaal is aandoenlijk geschreven. Jammer, dat de strekking zoo Duitsch is. Het Kerstfeest doet hier alles. Verschillende onjuiste voorstellingen treffen wij aan. Op bl. 4 kan de vrouw van den boer onder de preek den zakdoek niet van de oogen houden. Dat kan voorkomen, zeker, maar wij achten zoo iets in een kinderboekje niet gewenscht. Bl. 15: "De klokken klinken feestelijk en doen naar den Bijbel grijpen." Bl. 18: "Zouden we dit jaar weer geen Kerstfeest vieren?" alsof dat enkel van een Kerstboom afhing! Erger echter is, dat ook tal van bedenkelijke uitdrukkingen moeten worden aangestreept: Bl. 18 "Komt de Heere Jezus dan niet bij arme kinderen, die op een zolderkamertje wonen? Dat wel, en misschien komt Hij spoedig ook hij u, als gij zoet zijt. Maar stoor mij nu niet, ik moet een brief schrijven." Bl. 37 zegt Martin: "O Heer! ik heb het mijne gedaan, zoo goed, als ik kon doe Gij nu het Uwe!" Blz. 31: "Als gij die twee (Vader en Dochter) tot elkaar weet te brengen, verdient ge, dat God er u rijkelijk voor loone." Een boekje, dat geen kinderlectuur is, maar als waarschuwend voorbeeld schijnt te moeten strekken voor 18 of 19 jarigen, en dat bovendien zoo in strijd is met onze nationale gewoonten en ons godsdienstig beginsel, kunnen wij niet aanbevelen.

Boekbeoordeling van Kinderlectuur voor de Zondagsschool door de Commissiën van "Jachin", 1911

Veka

Het zonderlinge kerstgeschenk, druk 2, 40 blz.
Een aandoenlijke geschiedenis. Een oude boer leefde in onmin met zijn oudste dochter, die zou gaan trouwen met haar neef Martin, maar ten slotte haar hand schonk aan een man, die een slecht leven leidde en na enkele jaren in zijn ellende stierf. De vader had Catharina ernstig genoeg gewaarschuwd en wilde nu niets meer van haar weten. Als weduwe verkeerde ze in de grootste armoede, maar de oude man bleef eerst onverzettelijk, ook toen Catharina hem in een brief smeekte, zich 't lot van haar zoon aan te trekhen. Inmiddels werd er in zijn hart een heftige strijd gevoerd. Door een preek in de kerk, naar aanleiding van de woorden »Uw bescheidenheid zij alle menschen bekend. De Heere is nabij!« was hij getroffen. Zoowel zijn vrouw als zijn neef Martin, die Catharina in haar droeven toestand bezocht, sprak met hem, maar alles te vergeefsch, naar het scheen. Moeder en neef namen nu 't kloek besluit, Catharina met haar jongen te doen overkomen op Kerstdag, terwijl de vader naar de kerk was. Toen hij thuis kwam, viel zijn dochter hem te voet en smeekte hem om vergeving. Nu brak zijn hart en boog hij het stugge hoofd. Vader en dochter verzoenden zich met elkander. We bevelen dit boekske gaarne aan. 't Is goed geschreven. Taal en stijl zijn in orde. Wij achten het zeer geschikt voor kinderen van tien jaar en ouder. Boekbeoordeling in bijblad van "De Christelijke Familiekring : tijdschrift voor zondagsschool en huisgezin", 1911