Voor een Pdf-printvriendelijke versie van deze recensie Klik hier
Sluit venster

Boek en druk


Recensietekst


Bron



Phé Wijnbeek

Van een dapper meiske, druk 1, 139 blz.
Dit boekje munt uit door een bijzonder origineele omslagteekening en door een fraaie typografische verzorging. Het thema is: Hoe kan ik iets voor den Heere Jezus doen? Trudy, door Oma altijd Muis genoemd, kindje uit een Professorsgezin, heeft met Oma (een sympathieke figuur) over deze vraag een lang gesprek gehad. Ze brengt het gehoorde in toepassing door lief te zijn jegens een boerenmeisje, dat op school erg geplaagd wordt door haar beter gesitueerde vriendinnen. Zelf betaalt ze uit haar spaarpot twee doozen taartjes, die dienen moeten als traktatie wanneer de boersche en wat suffe Akke de school verlaat. De meisjes hebben een flauwe streek uitgehaald en haar tot deze traktatie geprest, zonder dat zij of haar Tante daarvoor het geld heeft. Trudy durfde eerst niet bekennen, dat zij haar spaarpot daarvoor heeft aangesproken, maar als ze ziek geworden is, komt heel de waarheid aan het licht, en is Oma even blij als zij zelf, dat ze iets voor den Heere Jezus heeft mogen doen. Paps noemt haar een dapper Meiske. We zullen dit boekje niet afkeuren, maar we hebben het zeer ernstige bezwaar, dat hier het "stuk der dankbaarheid" aangeprezen wordt vrijwel zonder dat op kennis van ellende en verlossing wordt gewezen. Dat is een heel groote fout, te wijten aan het eenzijdige licht verwarrende thema. Onze aanbeveling is dientengevolge zeer matig.

Boekbeoordeling van Kinderlectuur voor de Zondagsschool door de Commissiën van "Jachin", 1933

Phé Wijnbeek

Van een dapper meiske, druk 1, 139 blz.
De vraag: "Wat kan ik voor Jezus doen?" is 't centrale punt van dit verhaal. 'n Onbeholpen buitenkind verzeilt tijdelijk op een school voor "juffies". Ze wordt gruwelijk geplaagd, doch Trudy helpt Akke, en Trudy moet daarvoor heel wat verduren. Doch ze draagt dat, om iets "voor Jezus te doen". 't Is niet onverdienstelijk verteld. Bij de keuze van dit boekje moet men wel overwegen, of men dit vraagstuk opzettelijk aan de kinderen voor wil leggen. Oma, bij wie Trudy - een halve wees - thuis is, behandelt het heel voorzichtig, doch 't groote bezwaar komt aan den dag, als Trudy haar houding vergelijkt met de uiterlijk gelijke van haar vriendin Jet. Hier zetten wij een pijnlijk gezicht. Voor meisjes van 12 tot 14 jaar. Toch aanbevolen. Boekbeoordeling in Kind en Zondag, 1933